A.P. Overwater, Strijen

“De Turbodiesels van de Oudendijk”

 

Ik kon hem al jaren van naam en sinds 2004 ook persoonlijk, een hard werkende vent met een baan bij houthandel van der Sijde en hiernaast ook nog een druk bezochte manege waar de nodige uren per dag in gaan zitten. Als je bij hem op bezoek gaat snap je direct waarom hij zo’n druk bestaan heeft, de manege en de duivenhokken hebben zijn volle aandacht maar ook de omgeving waarin hij woont moet bijgehouden worden. Voorwaar geen sinecure om dit alles op orde te houden, het werd hem allemaal wat teveel en hij is per 1 mei ’06 gestopt met werken bij zijn baas. A.P. is vader van vier kinderen en getrouwd met Ria, de hele familie is betrokken bij het wel en wee hier aan de Oudendijk.

 

De duiven

De duiven die hier de hokken bevolken komen van Bas Batenburg, Peter v/d Eijnden en een Muller duif via Henny Schaap. Deze duiven vormen het hart van de kolonie en worden, met veel succes, onder elkaar gekruist. In deze reportage willen we de nieuwe lichting duiven aan u voorstellen die in 2005 van zich deden spreken op de nationale en internationale concoursen. Ook de manier van spelen en vooral die van de late jongen willen we hier voor u belichten. Het zijn bij A.P. namelijk vaak deze late jongen die later zijn beste duiven worden.

 

Systeem late jongen

De vliegduiven worden na Perpignan gekoppeld, er wordt naar gestreefd om de beste doffers tegen de beste duivinnen te zetten die dat jaar het beste gepresteerd hebben, ook de kwekers worden gekoppeld of herkoppelt. Er worden twee ronden jongen gekweekt waarvan de laatste ronde voor eigen gebruik is bedoeld, dit zijn ongeveer vijftig late jongen die als ze goed rond vliegen met de vlag in de lucht worden gehouden. Het is dan medio oktober als A.P. ze aan de mand laat wennen, hij bezit een duivenaanhanger met manden en waterbakken zoals de meeste afdelingen die ook gebruiken om de duiven in te vervoeren. De duiven verblijven een week in deze aanhanger en krijgen hier dus ook voer en water, dit is bedoeld om de eventuele stress bij de duiven te voorkomen. Als de tijd rijp is worden de duiven twee keer per week weggebracht, eerst dichtbij later richting Zeeland. A.P. lost de duiven nooit in Brabant maar probeert altijd de kustlijn aan te houden om de duiven aan het open water te wennen van de Schelde e.d.. Omdat de dagen korter duren is A.P. ervan overtuigd dat de duiven meer haast maken om thuis te komen, ze willen blijkbaar voor het donker thuis zijn en dan is er in deze tijd van het jaar meer haast geboden. Naar het weer wordt met het opleren niet gekeken, ze gaan gewoon los en dit de hele winter door. Volgens A.P. krijg je in de duivensport prestaties terug voor de tijd die je in je duiven steekt, dus wordt er veel werk in het opleren gestoken. Ook wordt er met “gewone” jonge duiven gespeeld zoals u en ik dat doet, maar zeker 90 % van zijn betere oude duiven zijn late jongen geweest. Deze laten worden dan als jaarling tot en met Ablis ingevlogen en vliegen dan ook gewoon hun prijsjes, hierna zijn ze klaar om Bordeaux Zlu of/en bijvoorbeeld Narbonne voor de kiezen te krijgen. De doffers zitten op schappen in het jonge duivenhok en worden op een soort verkapt weduwschap gespeeld, ze vinden bij thuiskomst wel altijd een duivin. Het grote voordeel van dit systeem met late jongen is dat je meer tijd voor jezelf creëert om werk te maken van je jonge duiven, dit schiet er bij de meeste fondspelers wel is bij in omdat het tijdens het overnacht seizoen al zo druk is. Nu lijkt het opleren tijdens wintermaanden wel tegennatuurlijk maar de duiven bewijzen bij Overwater het tegendeel, ze varen er als oude duif wel bij.

 

Prestaties 2005

We willen enkele duiven die het afgelopen seizoen het mooie weer maakten in Strijen even aan u voorstellen zonder al teveel in cijfers te verzanden. We beginnen met “de Nachtbraker”, NL02-1615417, die de 10e nationaal Pau speelde een vlucht waar A.P. tien duiven op mee gaf en de grootste serie prijzen bij de ZLU speelde, terwijl je vijftien duiven maximaal mocht inkorven. De Nachtbraker speelde al eerder de 29e nationaal Dax Zlu in ’04.

De “As 115” werd in 2005 1e Asduif van de FBZ, hij is geringd met ring NL99-2338115 en excelleerde als zesjarige op Perpignan met de 26e nationaal. Perpignan van 2005 was trouwens toch een goede vlucht voor A.P. want “de Sven”, NL03-1116392, speelde op deze vlucht de 30e nationaal. De derde duif van Perpignan is de “dochter Kanibaal”, NL03-1125742, die goed was voor de 35e nationaal, met deze drie prijzen had Overwater het snelste drie duiven thuis in Nederland.

De “Ferrari”, NL01-1866518, is in 2005 6e Asduif van de FBZ geworden met drie knappe prijzen op Pau, Marseille en Perpignan. De moeder van deze geweldige doffer is uit ruiling verkregen van Jan Ouwerkerk uit Lekkerkerk.

Als u nu dacht dat de Overwater duiven alleen uit de voeten kunnen op de ochtendlossingen heeft u het mis, de “Bonte 20”, NL03-111620, werd in ’05 2e Asduif samenspel Hoekschewaard op de middaglossingen met ondermeer de 18e nationaal Bordeaux sector2.

De NL03-1116349 was vorig jaar ook een toppertje, na al prijs te hebben gespeeld van St. Vincent en Dax Zlu besloot ze 2005 met een schitterende 39e nationaal van Marseille. Ze is een dochter van “de Dure”, één van de stamduiven van A.P..

De volgende twee duiven zou ik eigenlijk in één adem willen noemen omdat ze HET voorbeeld zijn van het late jongen spel wat hierboven beschreven is, we hebben het over de NL04-2032141, “zoon As 710” en de NL04-2031116, “zoon 010”. Beide zijn dus geboren in september 2004 en de hele winter op Spartaanse wijze klaar gestoomd voor het seizoen 2005. Beide doffers werden ingekorfd op Bordeaux Zlu en beide speelde ze keurig hun prijs, een paar weken later stond Narbonne op het programma en de twee doffers werden weer ingekorfd. Tegen de avond arriveerden ze vleugel aan vleugel en vielen dus gelijktijdig op de klep, goed voor de 54e en 55e nationaal. Een bewijs dat alle tijd die je er insteekt ook beloond wordt, en dit systeem dan ook gewoon werkt. Om dit nog verder te onderstrepen willen we u de uitslag van Bordeaux Zlu niet onthouden, A.P. Overwater gaf in het jaarlingenconcours 18 zogenaamde “laten” mee, die deden het als volgt: 123e, 181e, 259e, 328e, 363e, 369e, 429e, 524e, 553e, 554e, 577e, 768e, en de 823e nationaal tegen 4220 duiven, dus 13 prijzen van de 18!!. De laten zijn zowel van Bordeaux als van Narbonne allemaal thuisgekomen er werd er dus niet één van deze vluchten verspeeld!!

 

Tenslotte

Dankzij zijn sterke spel van de laatste jaren werd het weer eens tijd dat er in de fondkrant aandacht werd besteed aan A.P. Overwater, dat was namelijk al weer twee jaar geleden. Een paar asduiftitels hebben we hierboven al genoemd en zijn we niet ingegaan op de diverse titels die het afgelopen jaar behaald zijn. U kunt van mij aan nemen dat er verschillende bekers uit Limburg, Duitsland en België richting Strijen zijn gegaan. Ook de stamduiven hebben we niet uitvoerig belicht maar over deze duiven kunt u alles vinden op de website van A.P. Overwater die overigens het bekijken meer dan waard is. Voersystemen en medische begeleiding worden bij Overwater minder belangrijk geacht al wordt een kuurtje niet geschuwd als er door de dierenarts iets wordt vastgesteld. Wat dat betreft kan A.P. altijd terugvallen op Jan van Wanrooij (Begica-de Weerd) en Gerard Schalkwijk (Travipharma), de ervaringen die A.P. met deze mensen heeft zijn zeer positief. De duiven krijgen wel altijd Bio-even, een natuurproduct dat via het drinkwater wordt toegediend. Voor de rest is het de kwaliteit van de duiven die het moet doen en de tijd die je er zelf in wil steken, A.P. zegt hierover: “ je moet een systeem ontwikkelen dat bij je past, heb ik ook gedaan en daar voel ik me goed bij en dat goede gevoel breng je dan makkelijker over aan je duiven”. Wat 2006 gaat brengen is voor iedereen nu nog onbekend maar als we gaan overnachten moeten we terdege rekening houden met de Turbodiesels van de Oudendijk.  

 

 

 

 

 

                                                                                                                      Ron de Jong